
Gebouw
Het Ikonenmuseum is gevestigd in een historisch gebouw dat ooit deel uitmaakte van het convent van de Minderbroeders, een kloostergemeenschap die eigendommen en vaste inkomsten had afgezworen en als bedelorde behoorde tot de orde van de Franciscanen. In 1300 wordt deze kloostergemeenschap voor het eerst in de Kamper annalen genoemd.
Het museumgebouw werd in die tijd gebruikt als verblijfsruimte voor de monniken, de bovenverdieping was het Dormitorium, hun slaapzaal.
De huidige Broederkerk, links van het museum gelegen, was kloosterkerk. In het Kapittelgebouw was een Latijnse School gevestigd en waar nú de Stadsgehoorzaal is, werden zieken verpleegd. De Nieuwe Markt was kruiden- en moestuin en de Botermarkt de begraafplaats.
In 1472 ging het klooster in vlammen op. Voor de herbouw was de kloostergemeenschap aangewezen op het stadsbestuur dat niet erg wilde meewerken en een strengere naleving van de orderegels eiste. Uiteindelijk kreeg het klooster toestemming om landelijk te bedelen en in 1490 was het klooster dan eindelijk herbouwd.
Na de Reformatie was er in 1579 een kleine stadsguerrilla tussen katholieken en protestanten. De katholieken delfden het onderspit en de Minderbroeders moesten de stad verlaten. Het kloostercomplex werd door de stad geannexeerd. Het dormitorium werd als woning toegewezen aan de rector van de Latijnse school, die verplicht was om de lerlingen van buiten de stad kost en inwoning te verlenen. De laatste rector overleed in 1834, waarna de Latijnse school werd samengevoegd met de Franse school.
Veel later bood het gebouw nog onderdak aan diverse gemeentelijke diensten. Zo was het politiebureau er gevestigd en later de afdeling bouwkunde van de Gemeente. De Gemeentelijke diensten verlieten het gebouw in 2002.
In 2005 kwam het gebouw in particulier eigendom en kreeg de Alexander Stichting de mogelijkheid om er het Ikonenmuseum te vestigen.
Na een ingrijpende verbouwing waarbij verschillende authentieke elementen in ere werden hersteld, kon het museum in december 2005 worden geopend.
Het gebouw heeft daarmee na 425 jaar opnieuw een religieuze bestemming gekregen. Oosters Orthodoxe religieuze afbeeldingen, de ikonen, hangen nu in de slaapkamers van de katholieke monniken en dat in een stad die bekend staat als een protestants bolwerk!